Jan Kwast – 26 & 27 november 2016

Jan Kwast is geboren op 29 januari 1923 in Koog aan de Zaan in een groot gezin van 16 kinderen. Al van jongs af aan wilde Jan schilder worden maar omdat zijn vader altijd zei dat daar geen droog brood mee te verdienen viel heeft hij een ander pad gekozen en is hij op een researchafdeling van een laboratorium komen te werken.
Vanaf zijn 57e was hij door omstandigheden in staat zijn werkelijke passie uit te oefenen, hij kocht een schildersezel en nam lessen bij creativiteitscentrum Komma . Selma Timmerman leerde hem hier de kneepjes van het schilderen met olieverf. Na het experimenteren met aquarelleren besloot Jan zich verder te specialiseren in het werken met olieverf.


jan-kwast-schilde-jopie-huisman-zaansgroen

Op groot doek schilderde Jan vervolgens een jeans van zijn zoon. Het schilderij was zo nauwkeurig geschilderd en viel op bij kunstenaar Rein van Briemen. Hij herkende als vakman de kwaliteiten van Kwast en haalde hem uiteindelijk over om te exposeren. Zijn allereerste expositie in kunstgalerie ‘t Vorstenburch werd een succes, waarna even later een tweede expositie volgde in Marken.


jan-kwast-schilde-jopie-huisman-zaansgroen

Een aantal van zijn meesterstukken zijn het schilderij van de mijnwerkerspullen, de levensechte theedoeken en het winkeltje van Ma Hottentot (welbekend onder Zaankanters). Jan Kwast werd door menigeen vergeleken met Jopie Huisman. Zijn bijnaam luidde dan ook ‘De Zaanse Jopie Huisman’.

Helaas is Jan Kwast in 2004 overleden, zijn schilderijen zijn bij zijn vrouw en zoon bewaard gebleven. Nu ook zij allebei helaas niet meer in leven zijn hebben zijn kleinkinderen besloten om als eerbetoon nog eenmaal een expositie te organiseren om het werk van Jan Kwast te tonen. Zijn kleinkinderen hebben helaas niet de mogelijkheden om zijn werken goed op te slaan en hopen hiermee de schilderijen aan te bieden aan mensen die ze op waarde kunnen inschatten.

De expositie vindt plaats op zaterdag 26 en zondag 27 november 2016 van 13.00 tot 17.00 uur.


jan-kwast-schilde-jopie-huisman-zaansgroen

Krantenbericht uit 1992 – door W.P. Groot

Een oer-Hollandse, gortdroge en broodnuchtere naam, die toch wel wat symbolisch is voor een man, die sinds 1974 zeer intensief bezig is met een kwast, of liever gezegd een penseel, waarmee hij zogenaamde fijnkunst bedrijft. Met piepkleine penseeltjes zet hij uiterst gedetailleerd en precies streepjes neer op het linnen, waarmee hij een waargenomen reeks voorwerpen pijnlijk nauw¬keurig in beeld brengt.

Hij lijkt op Jopie Huisman als de ene waterdruppel op de andere. Niet alleen vanwege die onverbiddelijke nauwkeurigheid, maar ook en vooral omdat, evenals Huisman, geïnspireerd wordt door oude, half vergane dingen, gebruiksvoorwerpen uit de naaste omgeving, die als symbool fungeren van vergaan en vergankelijkheid.
En evenals de bekende Fries is hij een fijnschilder. Van een mijnwerker, op zichzelf al een symbool van een afgesloten brok verleden, verbeeldt hij tot in de kern een oude schoen, een afgedankte pet, een handdoek, een niet meer gebruikte lamp en een aan het verre verleden herinnerend brok sunlightzeep. Het lijkt, ondanks dat onherroepelijke verleden, op een aan de realiteit ontleende combinatie van dingen, zodat in die tegenstelling van heden en verleden toch een vervreemdingssfeer ontstaat.

Die tegenstelling tussen toen en nu wordt ook opgeroepen in de ouderwetse damesdirectoire, die in haar lelijkheid en onelegantie hevig contrasteert met de daarnaast verbeelde, hyperkleine slip uit onze tijd. Het blijft vooral bij afgedankte dingen, zoals die overjarige spijkerbroek aan de lijn, een paar werk-handschoenen, een voorgoed uitgetrokken stofjas, een kapotte pop en een vooroorlogs, maar niet minder huiveringwekkend gasmasker.

Symbolen van een vergaan en definitief afgesloten brok verleden, met een vaak verbluffende nauwkeurigheid in beeld gebracht, zodat de sfeer van vroeger bijna voelbaar werd opgeroepen. Behalve die symbolen van vergankelijkheid zijn er ook ‘gewone’ schilderijtjes te zien. Een schaaltje met eieren en een schaaltje met appels bijvoorbeeld, ook al heel raak op het linnen gezet. Heel gewoon is ook het vogelnestje. En ook de bloemstillevens hebben niets met het verleden te maken. Vergeleken met die symbolen uit de wereld van toen vallen ze wat tegen. Ze staan er wat stijfjes en wat zielloos bij.